Mei

Algemeen werk

Deze maand gaat het hard in de moestuin, plots mogen of moeten alle planten naar buiten. Daarom vraagt de tuin nu ook veel aandacht.

Het onkruid profiteert ook van het betere weer en het verschijnt bijna net zo vlug als je het kunt wegschoffelen. Het onkruid met worstelstokken zoals distels en dergelijke, zal je met wortel en al uit de grond moeten halen.Hou je tuin verder zo netjes mogelijk, je kleine plantjes hebben nu alle aandacht, verzorging, water, zonlicht en voeding nodig.

Ook het ongedierte, zoals slakken en bladluizen, zal de kop opsteken. Wees er dus op bedacht.

De snelgroeiende gewassen hebben veel behoefte aan water. Laat de grond dus vooral niet uitdrogen. Bij droog weer zal je dan vroeg in de morgen en s’avonds de gieter moeten gaan hanteren. Net zoals onkruid wieden, is het niet altijd een plezierig werk en kost het veel tijd, maar er tegenover staat dat je dan meteen je tuin kunt inspecteren.

Vanaf half mei is normaal gezien het laatste gevaar op nachtvorst geweken en mogen alle planten eindelijk de grond in, zelfs de grootste koukleumen. Maar pure wetenschap is dit niet, het weer laat zich namelijk niets dicteren. In 2006, 2008 en 2013 was er zelfs nachtvorst in juni in bepaalde streken, en zo blijft moestuinieren altijd een beetje spannend.

Als je voorgezaaide zaden allemaal uitgekomen zijn, bezit je momenteel een groet hoeveelheid jonge plantjes. Misschien heb je er zelfs teveel en kan je met je buren een ruilhandeltje beginnen.
Verder zal je deze maand ook je aardappelen moeten aanaarden en kan het zijn dat je de eerste zaaisels van wortelen, spinazie en uien moet uitdunnen.

 

Zaaien en planten

Zaai bij minstens 5°C in zaaibakjes of potjes augurken, bleekselder, groene selder, bloemkool, broccoli, koolrabi, boerenkool, savooi, spitskool, wittekool, courgettes, komkommers, mais en pompoenen.

In volle grond zaai je deze maand bosui, stengelui, groene selder, sla, Nieuw-Zeelandse spinazie, pastinaak, peterselie, kervel, rucola, radijzen, rode biet, schorseneren, spinazie, zomer- en winterwortelen en na 15 mei komen er voor in de volle grond ook nog bleekselder,courgettes, mais pompoenen, witloof en zomerpostelein bij.

In de serre planten we deze maand aubergines, komkommers, paprika’s, pepers en tomaten.
In volle grond planten we aardappelen ( late ), bloemkool, broccoli, koolrabi,spitskool, wittekool, groene selder, kropsla en zomerprei.Vanaf de tweede helft van de maand komen daar nog augurken, bleekselder, knolselder, bonen ( voorgezaaide ), courgettes, komkommers, mais, paprika’s, pepers, pompoenen, rodekool, spruiten en tomaten ( onder een dakje ) bij.

Verder verspenen we zaailingen naar potjes van 9 centimeter diameter, zodra de eerste echte blaadjes verschijnen van bleekselder en tomaten bij ten minste 15°C.

 

Oogsten

Jonge worteltjes, uien en bietjes kunnen deze maand groot genoeg geworden zijn om de uitgedunde plantje voor consumptie te gebruiken.
Mei is de maand voor de asperges. Ze worden nu gestoken als de planten tenminste 3 jaar oud zijn.

Voorjaarskool : tegen deze tijd kan de lentekool harten zijn gaan vormen. Je kan ze oogsten indien gewenst. Als het weer niet zo best is geweest, rijpen ze soms wat later af en moet je tot volgende maand wachten.

Zolang we regelmatig sla en radijsjes blijven zaaien, kunnen we deze het hele seizoen door regelmatig blijven oogsten. Hou er wel rekening mee dat bepaalde rassen van een groente beter geschikt zijn voor teelt in lente en/of zomer.

Spinazie : Heb je een rondzadig ras vroeg gezaaid, dan kan je deze maand de eerste spinazie plukken. Door dat plukken bevorder je zelfs de groei. Pluk echter niet teveel tegelijk van elke plant maar neem liever van elke plant de buitenste bladeren