Juli

Algemeen werk

Juli kan de drukste maand zijn al lijkt dit misschien vreemd. Bijna alle groentesoorten zijn gezaaid of geplant en groeien goed. Toch is er veel werk te doen om plezier en profijt van je tuin te blijven houden.

In theorie hoort juli de warmste en droogste maand van het jaar te zijn, echter dat komt maar zelden uit. Toch moet je rekening houden met eventuele droogte. Zorg dus regelmatig voor water en schoffel geregeld. Ook moet je regelmatig snelgroeiende gewassen plukken om de planten bij te houden. Juli is ook de maand om geregeld je gewassen te controleren.

Kasgewassen zoals tomaten, paprika’s, komkommers en meloenen hebben water en vloeibare voeding nodig, en ook steun. Tomaten moeten gediefd worden en andere gewassen moeten op tijd getopt worden. Andere gewassen zoals spruiten moeten aangeaard en aangestampt worden zodat ze stevig staan. Zo hebben bijna alle gewassen hun specifieke eisen en verzorging nodig.

Ook ziekten en plagen vragen in deze periode de nodige aandacht.

Voor je eventueel op vakantie vertrekt, kun je best het onkruid nog eens flink aanpakken. In deze zomerse dagen kan het onkruid immers op erg korte tijd bloeien en zaad vormen.

Dit is ook een prima periode om nog eens goed naar je moestuin te kijken en vast te stellen hoe het daar reilt en zeilt. Er valt nog meer dan genoeg te oogsten, maar hier en daar gaan er binnenkort gaten vallen, en wat ga je doen om deze gaten op te vullen. Je kan nu nog snelrijpende gewassen zaaien en wintergroenten planten.

Op lege plekken waar dit seizoen geen groenten meer komen, kan je groenbemesters zaaien om de bodem al voor te bereiden voor het volgende jaar.

 

Zaaien en planten

Deze maand zaai je in volle grond andijvie, bonen Chinese kool, paksoi, groenlof, koolrabi, kropsla (late rassen); peterselie, kervel, pluksla, ruccola, snijsla, radicchio, radijzen,rammenas, rapen, rode bieten, spinazie, venkel, warmoes, zomerpostelein, zomerwortelen.

Verder plant je in volle grond andijvie, boerenkool, groenlof, knolselder, koolrabi, kropsla ( late rassen ),radicchio, savooi, venkel en winterprei.

 

Oogsten

Tuinbonen : in juli kan je nog volop tuinbonen plukken. Wil je zaden voor het volgend jaar, dan laat je de peulen aan de plant zitten tot de toppen van de bladeren zwart worden. Als het weer slecht is, trek je de planten uit de grond en hang je ze op een droge plek. Wacht dan tot de peulen geel worden en haal dan de bonen eruit. Deze worden dan gedroogd en daarna in een papieren zak of een pot bewaard op een koele, droge plaats uit het licht.

Erwten : als je in april je erwten hebt gezaaid, kan je nu de eerste peulen plukken. Belangrijk is dat je plukt voor de peulen te groot geworden zijn. Trek ze echter niet van de plant; beschadig de planten niet. Gebruik liever beide handen of gebruik een mes of schaar.

Bonen : moeten ook jong en regelmatig geplukt worden. De lekkerste zijn de boontjes van potloodformaat, als aan de buitenkant de bonen nog niet zichtbaar zijn.

Aardappelen : deze maand kan je volop vroege aardappels rooien. Zo uit de tuin zijn het lekkerst. Daarom is het aan te raden maar zoveel te rooien als er voor direct gebruik nodig is voor twee maaltijden. Het is echter ook niet goed om de aardappels te lang in de grond te laten zitten, nadat het loof is afgestorven. Ze dienen dan enkel maar als lokaas voor ongedierte.

Artisjok : de half-geopende bloemhoofden zijn klaar in juli. Wacht niet met afsnijden tot ze geheel geopend zijn. Men snijdt ze af met een stukje van de bloemsteel. Neem eerst de hoofdsteel van de plant zodat er zijscheuten worden gevormd met een wat kleiner bloemhoofd. Deze kunnen afgesneden worden als ze de juiste grootte hebben.

Sjalotten : als de bladeren geel en droog zijn geworden, hebben de planten hun groei beëindigd. Haal ze met een riek uit de grond, wrijf de grond eraf, haal de bollen uit elkaar en laat ze drogen, als het kan buitenshuis. Als de buitenste schillen droog zijn, kunnen de sjalotten opgeslagen worden. Uit de oogst kan je de bollen kiezen om het volgend jaar als pootmateriaal te dienen.

Koolrabi : deze maand kan je koolrabi oogsten die in de lente is gezaaid. Het best zijn ze als ze ongeveer zo groot zijn als rapen. Graaf de koolrabi uit, verwijder de bladeren, schillen en dan koken, net als rapen.

In deze tijd van het jaar kunnen ook nog andere soorten groenten gegeten worden uit de tuin zoals kool, bloemkool, wortelen, rapen, biet, sla, radijs, enz.